Gezond
De meeste mensen willen lang leven en zo lang mogelijk gezond blijven. Maar hoe weet je wat gezond is? Onderzoeken spreken elkaar tegen: Is sinaasappelsap nu wel of niet gezond? Beschermt broccoli tegen darmkanker, of geldt dat maar voor een bepaalde groep mensen? Is honing in de thee beter dan een suikerklontje? Onderzoeken zijn niet altijd te vertrouwen omdat de voedingsmiddelenindustrie een behoorlijke invloed kan hebben op de resultaten. Daarmee bedoelen we niet dat de onderzoekers frauderen of zich laten omkopen. Het probleem is meer, dat het onderzoek selectief gebeurt: fabrikanten geven alleen geld aan onderzoek als ze een gunstige uitslag kunnen verwachten. Geen pindakaasfabrikant haalt het in z’n hoofd om een onderzoek naar kankerverwekkende eigenschappen in pindakaas te onderzoeken en frietfabrikanten zullen niet snel een onderzoek naar zwaarlijvigheid financieren.
Een ander probleem is dat we in feite eigenlijk nog niet zoveel weten over de relatie tussen voeding en gezondheid. Een voorbeeld: als onderzoeker zou je kunnen kijken of mensen die veel groente eten, minder vaak ziek zijn, minder kampen met overgewicht en zich energieker voelen. En wat blijkt: dat is inderdaad het geval. Maar zijn die mensen zo gezond omdat ze zoveel groente eten, of dat mensen die veel groente eten veel bewuster met hun lichaam omgaan, meer geld te besteden hebben, vaker naar de sportschool gaan en minder bier drinken?
We krijgen van overheidsinstanties al jarenlang te horen dat er maar één manier is om gezond te eten: vetarm, rijk aan koolhydraten en niet teveel caloriën. De gezonde boterham met kaas mag nog steeds, als je voor het plakje kaas maar een vetarme variant hebt gekozen. Cola en vla kun je vervangen door Cola Light (0 calorieën!) en producten als Optimel (slechts 0% vet!). Er zijn light-chips met 15% minder vet en er is drop waarbij de verpakking meldt dat er 0% vet in zit. Maar zat er ooit wel vet in drop?
In de VS is de vetfobie nog groter: er ligt 100% vetvrije spray in de supermarkt om je vlees in te bakken. Het klinkt allemaal goed bedoeld, maar in werkelijkheid zijn die light-producten niet altijd gezonder dan de originele voedingsmiddelen. Om te zorgen dat vetarme chips eetbaar zijn voegen fabrikanten er suiker en allerlei kunstmatige hulpstoffen aan toe. Wie op de etiketten van voedingsmiddelen let, zal merken dat aan bijna alle bewerkte voedingsmiddelen glucose-fructosestroop is toegevoegd, van hartige Sultana-repen tot pastasaus. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de suikervrije producten, waarbij suiker is vervangen door kunstmatige zoetstoffen met een soms wat omstreden reputatie, zoals aspartaam.
Een voor de hand liggende oplossing om gezonder te eten is om te letten op de gezondheidslogo’s op de verpakking. Logo’s zoals ‘Ik kies bewust’ en het groene klavertje van Albert Heijn staan op producten die minder vet of minder suiker bevatten dan vergelijkbare producten. Zo kan een appeltaart met minder suiker een gezondheidslogo hebben, terwijl een tomaat geen logo heeft omdat er nu eenmaal geen vetarme tomaten zijn. Kun je daaruit concluderen dat de appeltaart gezonder is dan een tomaat? Natuurlijk niet, maar bij de drukke consument die snel wat boodschappen in het winkelwagentje wil gooien, wordt die indruk wel gewekt.
Gezondheid zit niet in een product, maar in een levensstijl. Gezond eten doe je door zo vers en gevarieerd mogelijk te eten. Maar dan wel ECHT ETEN, zonder kunstmatige toevoegingen en zonder gezondheidsclaims zoals 35% minder vet of 100% suikervrij.